Wat heb je nodig voor een barbecue? |
|
Welke barbecue moet ik kopen? |
|
|
|
|
Grijpers en andere accessoires |
|
Open lucht
is een eerste
vereiste voor de geslaagde barbecue.
Het liefst een mooie grote tuin, een park of een ruim balkon.
Onderschat overigens niet de invloed die je buren op een al dan niet
geslaagd BBQ-feest hebben.
Komen ze gezellig wat proeven en een biertje halen of bellen ze de
brandweer?
Ik woon gelukkig tussen allerlei BBQ-liefhebbers.
Een
barbecue
is ook best
belangrijk.
We hebben in het verleden wel eens een gat in de grond gegraven en er
of met stokken of met een los rooster op gekookt.
Dit is de oer-BBQ, zoals men dat al duizenden jaren doet.
De clou van dit verhaal is dat je een goedkope uitvouwBBQ kan kopen of
een buitenkeuken van vijfduizend Euro, maar dat je ervaring en kunde de
kwaliteit van het eten bepaald.
Oefening baart kunst.
Verder heb je natuurlijk brandbaar materiaal nodig, daar gaan we uitgebreid op in op deze pagina
Ten vierde het eten, daarvoor heb ik een aantal recepten voor opgeschreven en ik open binnenkort een nieuwe pagina over vis, vlees en gevogelte.
Tenslotte klein gereedschap zoals tangen en messen, planken en schoonmaakborstels.
Vergeet overigens
niet voor wie je het
doet:
familie, vrienden,
betalende gasten enzovoort.
Dit bepaalt namelijk de keuze van de bovenstaande materialen.
Laten we beginnen met hetgeen je waarschijnlijk het meest interesseert, die zwart glimmende, peperdure met alle nieuwste snufjes uitgevoerde Barbecue!
Ik heb hier een paar foto's van web-shops geleend, maar ik neem aan dat ze daar geen grote bezwaren tegen hebben. Als je dit leest bestaat er namelijk een kans dat je een BBQ bij ze koopt.
Eigenlijk
hetzelfde principe, maar dan voor vaker gebruik zijn
opvouwbare barbecues.
Ze kosten vaak minder dan tien Euro en zijn te koop bij supermarkten
bij grote warenhuizen en kampeerwinkels.
In zo'n pakketje zit een rooster van 25 bij 25 centimeter een een paar
metalen plaatjes die je tot een bakje kan vouwen.
Het pakketje is in opgevouwde vorm niet groter dan een flinke envelop
en past dus in een rugzak of koffer.
Iets duurder, maar
wel grappig, zijn
kofferbarbecues, deze beginnen in prijs vanaf 20 Euro.
Je kunt ze kopen bij kampeerwinkels of via internet.
Ze passen in een fietstas en een kofferbak.
Deze goedkope modellen gaan niet zo lang mee, maar dat maakt niet zoveel uit met die prijs.
Er is ook een groot assortiment aan kleine ketel- of kogelBBQ's.
Deze beginnen in prijs vanaf 12,50 euro en gaan tot 100 euro.
Ik ben een voorstander van een barbecue met kap, hierover later meer.
De goedkopere zijn bijvoorbeeld van Firefriend.
Betere koffer- en
ketelBBQ's zijn van
Weber
en kosten tussen de 70
en 90 Euro.
Ze heten de Weber Smokey Joe (in allerlei spannende kleuren) en de
Weber
GO-Anywhere
De Weber Go-anywhere is met afstand mijn favoriete portable BBQ.
Ik
sleep dat ding al tien jaar overal mee naartoe.
Het heeft me zelfs een keer in een restaurant uit de ellende geholpen.
Iets duurder
(tussen de 100 en 130 E)
is een
Cobb, daar kan je
dan ook echt in roken, het is een all-round kookapparaat.
Je kan er veilig mee op een boot koken,
omdat de kolen door een mantel gescheiden zijn van de buitenkant.
Ik heb een paar goede
ervaringen met de Cobb, het scheelt ook een bak met
kolen.
Niet helemaal toevallig zie je
hierboven zowel de Cobb als de Weber.
Die barbecues komen namelijk bij mijn familie-leden uit de kofferbak
als we een tuinfeestje hebben.
Een nieuwe ontwikkeling voor
portable BBQ's is de Weber Q-reeks. De Char Q is een moderne
Go-anywhere voor een moderne prijs.
Je kunt er een verrijdbaar onderstel bij kopen.
Ik heb er vorig jaar een stukje over geschreven : Test: Weber CharQ
Sinds de jaren '60
gebruikt men op het
balkon barbecues die lijken op of zijn afgeleid van de Hibachi ,
naar het Japanse woord voor houtskool-kacheltje.
Ze zijn meestal
van gietijzer en de
roosters of het rooster is in hoogte verstelbaar.
Het nadeel van het model met twee roosters is dat die roosters bijna
altijd scheef staan.
Ze zijn wel
weer heel goedkoop (rond de 10 Euro) en de gietijzeren variant gaat
best lang mee.
Ook van gietijzer
is het model
potkacheltje. Het is eigenlijk een doodgewone grill met een zware voet.
Wederom spotgoedkoop voor onder de 20 Euro.
De meeste modellen zijn overigens te halen bij bouwmarkten, winkels als blokker en marskramer of web-shops.
Ik heb persoonlijk een hekel
aan de goedkopere ronde barbecues zonder kap. Deze zijn vaak
onstabiel door drie slappe poten. Er zit dan zo'n windscherm aan de
achterkant waar je het rooster mee kan verplaatsen.
Als het minder dan 20 Euro moet
kosten is het meestal van blik.
Ik heb tot nu toe meestal goedkope barbecues besproken en er zal ook
bij die andere modellen veel rotzooi zitten, maar je moet op de
prijs-kwaliteit verhouding letten.
Voor een paar tientjes meer heb je namelijk een kleine ketelBBQ, daar heb je tenminste wat aan.
Waar ik wel wat
mee heb zijn de grills
van
Barbecook
op een enkele
poot.
Al was het alleen maar om hoe ze er uit zien. Ze beginnen bij 50 Euro
en gaan tot 170 Euro.
Eerst verder met een andere open grill: De slagersbarbecue.
Q:Het is een begrip in de
BBQ-wereld, maar wat is het?
A:Het is de BBQ die je van de slager huurt of leent
als je een groot feest geeft en meer dan x kilo vlees bij hem koopt.
Simpelweg een
metalen bak op vier poten
met een rechthoekig rooster.
Veel slagers leveren overigens liever iets op gas (jammer..)
De
houtskool-variant begint niet duur
voor rond de 50 Euro, ik had er vorig jaar één van
plaatstaal.
Er zijn natuurlijk ook veel duurdere uitvoeringen van zwaar RVS.
Ze zijn groot genoeg voor feesten boven de 30 personen.
Ze zijn niet
moeilijk om mee te werken.
Het enige echte nadeel is dat ze niet altijd een kolenrooster hebben.
De kolen kunnen dan verstikken in de eigen as en dan is ineens al je
hitte weg.
Het is me dus een keer overkomen bij betalende gasten (die hebben toen
niet hoeven te betalen).
Laat mijn ene slechte ervaring je er overigens niet van weerhouden er een te kopen of huren, want ik heb er ook veel plezier mee gehad (zie foto rechts).
De laatste open grill
die ik eigenlijk
niet
wil behandelen is de zelf-bouw grill.
Ik word de laatste jaren namelijk continu belaagd door mensen die
willen weten waar je de onderdelen koopt en hoe je ze moet maken.
We hebben ooit
twee grills gebouwd, de
eerste van baksteen, de tweede uit een oud bureau.
Op de foto links zie je de stenen grill.
De derde is er nooit van gekomen, die had ik
uit een olie-ton willen zagen.
Wat ik je
eigenlijk wil vertellen is
dit: Zoek het lekker zelf uit.
Als je handig genoeg bent om er zelf een te bouwen, weet je ook vast
wel waar je de materialen vandaan moet halen.
Om je een ander voorbeeld te geven zie je rechts een BBQ op de boerderij in Oekraine. Dat is eigenlijk een tuinhaard, daar heb ik weinig ervaring mee. Je ziet ze veel in Frankrijk, met een bak voor spiezen of een speksteen om te grillen.
Deze tuinhaard heeft een dak en
zelfs een schoorsteen. Als je er een ovendeurtje voorzet, kan je er
dezelfde dingen mee doen als met de ketelbarbecue.
Ze zijn namelijk multi-functioneel, je kunt ze als grill gebruiken, als oven en vaak ook als smoker.
De twee grote voordelen van grillen in de ketel:
Vooral een hele vis of kip wordt een stuk makkelijker in de ketel, door de ovenwerking.
Laten we er even vanuit gaan dat we de goedkope rotzooi nu wel genoeg behandeld hebben.
Je wilt een goede ketelbarbecue kopen en je hebt er meer dan 100 Euro voor over, maar niet meer dan 300 Euro.
Je kunt dan
meestal kiezen tussen
modellen van 47 cm en 57 cm doorsnede grill-rooster.
(Ik weet nog steeds niet waarom die maten zijn gekozen).
Dan is er een ruime keuze in verschillende merken: Barbecook, Cadac,
Firefriend, Outdoorchef en Weber.
De top of
the line van
Barbecook, de
barbecook leader, is van roestvrij
staal.
Deze hele mooie BBQ heeft een ingebouwde houtskoolstarter en meer
snufjes, maar is me veel te duur.
Ik heb prijzen boven de 900 Euro gezien, voor dat geld denk ik eerder
aan een groot groen Ei (zie hieronder).
De Barbecook oyster ceram van 50 cm (foto rechts) is dan niet duur met
dezelfde snufjes voor rond de 200 Euro.
Ik heb ze wel gezien, maar er niet aangezeten, dus ik kan je niet
vertellen hoe ze in het gebruik zijn.
Datzelfde geldt voor
Cadac,
deze heb ik in 2006 op het NK barbecue bekeken.
Cadac is de fabrikant die de akelige gas-skottelbraai naar Europa heeft gebracht (dat moeten we ze dan maar vergeven.)
Ik vind het mooie,
degelijk uitziende
barbecues voor een redelijke prijs. Wel een beetje te laag (ik hou niet
van bukken).
De ketelBBQ's van 47 en 57 cm (kleine foto links) gaan voor prijzen
tussen de 95 en 130 Euro.
Fire-friend barbecues gaan van heel goedkoop naar maximaal 130 Euro voor een roestvrij stalen ketelBBQ.
Ik heb het niet zo op dit merk, vanwege een slechte ervaring met een goedkoop model.
Dat was wel een hele tijd geleden, dus voor die prijzen kan je misschien een gokje wagen.
Outdoorchef
komt uit
Zwitserland en maakt hele aardige barbecues.
Ik werk al jaren met het easy charcoal
480
model.
Het kostte destijds rond de 150 Euro. Ik heb dat geld
ondertussen meer dan terugverdiend.
De easy charcoal hebben we met
plezier op
het NK BBQ 2006 gebruikt.
Het vraagt wel om wat onderhoud, want de ruige manier waarop we deze
barbecue gebruiken laat zijn sporen achter. De schroeven, moeren en
boutjes moeten regelmatig worden aangedraaid.
Ik vind het ook
handig dat de poten uit
twee delen bestaan, zodat je op een tafel kan werken.
Ik heb het een jaar zonder echte smoker gedaan, omdat mijn Outdoorchef
een mooi inzetbaar
stookkamer
systeempje heeft om te roken.
Iets dergelijks kan je nu ook los kopen voor de Weber.
in 2008
heb ik een test gedaan met het grotere broertje van de 480, de
Outdoorchef 570
.
Weber... Daar zijn we
dan, het
toonaangevende merk.
De modellen waar
de markt mee veroverd
is, zijn de Weber compact 47 en
compact
57.
Deze
BBQ's kosten vaak nog maar 80 euro.
Duurzaam, slim ontworpen, niet duur en met garantie.
Dit zijn echte aanraders.
Weber maakt er geen reclame meer voor, misschien worden ze vanwege de nieuwe Q-reeks uit de markt genomen.
Hierna komen de
one
touch silver
modellen.
Die ketels zijn iets hoger dan van de compact, de afstand van de kolen
naar de grill is groter en de ventilatie werkt anders.
Dat lijkt me beter werken bij indirect grillen.
Voor nog
meer ga je naar de
one touch gold modellen.
Toen ik vol verwachting mijn nieuwe one touch Weber 57 Gold in elkaar zette, was ik zwaar onder de indruk van de hoge kwaliteit van alle onderdelen.
Ik ben zwaar
teleurgesteld in het
onderstel. Slappe poten, zoals je vroeger bij de goedkopere
merken vaak tegen kwam.
Volgens mij wordt de hele barbecue namelijk topzwaar door de
grote asopvang.
Als ik de BBQ optil, lazeren alle poten er zelfs onderuit.
Heel jammer voor die
verkoopprijs. Uiteindelijk heb ik zelf maar nieuwe pootjes gemaakt en
gebruik de BBQ alleen nog op een tafel.
Over het barbecuen
met de Weber 57 gold
niets dan goeds, vooral de ring om de deksel weg te zetten is handig.
Ik vergelijk deze barbecue in detail met de outdoorchef 570 op
deze pagina.
De conclusie is dat je tussen de 80 en 150 Euro van verschillende merken een uitstekende barbecue kan kopen.
Weber en Barbecook hebben ook
goede 57 cm modellen die in kunststof en houten tafels zijn ingebouwd,
dan gaan de prijzen al snel naar de 400 en 500 E.
Dit is de kennis en ervaring die ik heb, ik krijg geen geld van één van bovenstaande fabrikanten. Alleen zo nu en dan een barbecue om uit te proberen.
Dat gaat je geld
kosten...
Hoeveel?
Juist: minimaal 1.000 Euro voor de Large.
Als je zo'n
apparaat koopt voor vijf of
zes barbecues per jaar, heb je of teveel geld of een gaatje in je kop.
Het mooie van het Ei is dat je er ook makkelijk voor twee tot vier
mensen op kan koken met een relatief kleine hoeveelheid houtskool.
Het is dus echt
geschikt voor mensen
die de zomer in de tuin doorbrengen.
Ik las jaren geleden al web-logs van Amerikanen die er elke dag mee
koken.
Je ziet ook andere merken op het internet met namen als Kamado,
Grill-dome en Primo.
Het merk Kamado beweert het systeem in de jaren 60 van een eeuwenoude
Japanse rijstkoker te hebben afgekeken.
Ik heb sinds
december
2007 een Big Green Egg.
In 2009 zijn er om professionele redenen nog 3 bijgekomen.
Ik stook er alleen losse houtskool in.
Het was even wennen voor iemand
die jarenlang alleen briketten heeft gebruikt, maar het werkt perfect.
Bij buitentemperaturen tussen
de - 8 °C en + 35 °C (gemeten eigen ervaring) is het niet moeilijk om
stooktemperaturen tussen de 80 en 350 °C te krijgen en vast te
houden.
Dat vasthouden van een lage temperatuur is vooral erg belangrijk.
De kwaliteit en sappigheid van
het eten.... Nou ja, dit begint wel heel erg naar een reclame-praatje
te ruiken.
Zie voor meer geEi m'n blog, er komt ook (ooit) een pagina met mijn
ervaringen op de website van BGE.
De foto is een zelfportret,
zoek het grootste Ei.
Toen ik de BGE ging verplaatsen
voor die foto werd meteen het grootste nadeel duidelijk.
Zo'n brok keramiek van 80 kg
met die kleine wieltjes laat zich niet makkelijk over een getrapte
binnenplaats verplaatsen. Als het dan valt kan het flink beschadigen.
Ik had geluk (en rubberen terrastegels).
Daarom was die glimlach wat geforceerd, ik had net een hele dure
barbecue op m'n teen laten vallen.
Ons team voor het WK BBQ 2008, Berlijn 2009 en het BK 2009 in Torhout heeft met the Big Green Egg gewerkt.
Belangrijke
Tip: Als je een BGE aanschaft, koop er meteen een 'plate
setter' bij om goed indirect en met rook te kunnen werken.
Anders is
het een hele goede, maar hele dure, grill.
Laten we beginnen met niet al te dure smokers.
Brinkmann
smokers (foto links) kosten niet
veel meer dan 60 $, je moet ze alleen naar Europa zien te krijgen.
Soms kan je op ebay voor weinig transport een (tweedehands) exemplaar
op de kop tikken.
In de U.S. heeft deze smoker de koosnaam
ECB
of El Cheapo
Brinkmann.
Ze worden op allerlei manieren verbeterd en aangepast aan de wensen van
de gebruiker.
Zoals bij de meeste barbecues is de thermometer een lachertje.
Ik heb een jaar
geleden een
Barbecook
smoker
(foto rechts) aangeschaft voor 90 Euro, maar ik heb ze
ook
al voor 69 Euro zien staan.
Deze smoker zou wel eens de ECB van Europa kunnen worden.
Het is allemaal
wat basic en voelt wat
goedkoop aan, maar het werkt... Je moet alleen niet gek opkijken als de
aspan of de waterpan er regelmatig uitvalt.
Wat heel goed lukt met deze smoker zijn dingen als warmgerookte makreel
en eendeborst. De temperatuur blijft netjes onder de 100 graden
celsius.
Bij koud weer buiten is het een onding, dan kan je net zo goed een
kolom kopen om koud te roken.
De Cobb hoort eigenlijk ook in dit rijtje thuis, die heb ik al eerder behandeld bij de portables.
Sinds 2008 is er een nieuw merk op de markt genaamd
ProQ.
Deze smokers zijn wat goedkoper dan de Weber hieronder, maar zijn modulair dus hebben een grotere capaciteit.
Ze hebben ook een aantal handige snufjes (zoals palinghaken).
Waar men nog lang niet over uitgeluld is, is het verschil in kwaliteit tussen Weber en ProQ als het om de afwerking en dikte van staal gaat.
Weber staat er om bekend dat het emaille topkwaliteit is, maar ze besteden steeds meer uit naar China, dat is vragen om problemen.
Wat ik ook wel grappig en een beetje dom vind, is dat ProQ modules verkoopt om een smoker te maken van een Weber Kettle en een verhogingsring voor de Bulletsmoker.
Weber heeft dus voorlopig nog de topper in deze categorie..
Een mond vol: De Weber smokey mountain cooker smoker.
Je kan nu op internet steeds meer aanpassingen kopen (deurtjes, hengsels etc..), die het apparaat wat gebruiksvriendelijker maken.
De laatste drie
smokers vallen onder de
categorie bullet smokers, omdat ze op een kogel lijken
(Amerikanen).
De zelfbouw versie van de bulet smoker noemt men een Ugly Drum Smoker of UDS.
Er komt natuurlijk heel veel bij kijken maar het principe is vrij voor de hand liggend.
In Nederland is er in ieder geval 1 persoon (Phubar) die ze best mooi maakt.
Een heel andere klasse die flink aan populariteit wint is de offset smoker.
Het principe is simpel:
Je hebt een ronde olieton, die snij je in de lengte doormidden, dan
maak je of koop je scharnieren en een paar roosters. Hiermee heb je de
simpelste zelfbouwgrill gemaakt, oftewel een
Texas-grill.
Aan deze barrel-grill plak je
er een stookkamer vast, zodat er alleen
indirecte hitte, rook en stoom in je ton komt. Wel even een
schoorsteentje aan de andere kant maken.
Zelf
bouwen
is dus een optie.
Als je nu op ebay zoekt, vind je de goedkoopste van blik voor rond de 150 Euro. Dat lijkt me wel een gokje waard.
Het kan natuurlijk
veel gekker: Je kunt
een
Oklohoma Joe Chuckwagon
kopen tussen de 1.700 en 2.500 Euro.
Pas
wel op met een
dergelijke aanschaf, ik zou eerst een jaartje met een bullet smoker
spelen voor ik een grote off-set ging kopen.
Weet je wat? Laat
ik het nog duidelijker
maken:
Als je geen restaurateur, cateraar of wedstrijd BBQ-er bent,
Doe het niet!
Na een paar
sessies komen de meeste
mensen er namelijk achter, dat het best wat oefening en kunde vergt om
dat monster te bedienen.
Je hebt een flinke aanhanger of
vrachtwagen nodig om het ding te verplaatsen.
Je stookt een zak hout per
sessie, dus het is niet echt handig
voor minder dan tien gasten.
Een enthousiasteling vertelde
me laatst dat hij het stookgedeelte als kleine BBQ gebruikt.
Dat lijkt handig, maar ik vraag me dan toch af:
Waarom niet een ketel om te grillen en een kleine off-set of
bullet-smoker gekocht? (samen maximaal 600 E).
Je hoeft je natuurlijk helemaal
niets van mij aan te trekken, doe wat je ego en je portemonnee je toe
laten.
Ik zie je dan wel op het volgende WK BBQ (of op Marktplaats).
Er zijn maar weinig
mensen in Nederland en Vlaanderen die een custom
smoker hebben laten maken in de V.S.
ik weet er twee en heb er 1 met eigen ogen gezien.
Er zijn een aantal
bedrijven in de V.S.
die zich hierin specialiseren waaronder:
Pitts and spitts
en
Southern
yankee BBQ.
Ik zou zeggen: volg de links, kijk ernaar en kom dan weer terug naar aarde.
Grillen op gas kan
best lekker zijn, maar is het echt barbecue?
Voor
deze keer zeggen we van wel, maar vraag me niet om er 1 te kopen.
De reden om wel een
gasbarbecue te kopen?
Ik weet één hele goede: Je wilt BBQ op de boot.
Daar is die
slagersbarbecue
weer, maar dan op gas.
Ik heb er tot mijn spijt meerdere malen mee moeten werken voor grote
groepen.
Die apparaten
waren dan soms wat langer dan
je op de foto links ziet en stonden dan op zo'n strijkplank-onderstel.
Ze hebben twee standen: Verbrand je vlees en niet warm te krijgen.
Bij wind willen ze graag
uitgeblazen worden.
Een voordeel is dat die bleke
BBQ-worstjes de neiging hebben om er
vanaf te rollen (hoef je ze niet op te eten).
Hetzelfde principe, maar dan wel handig met een kap, zijn de gasbarbecues en buitenkeukens.
Je kunt prima
gasbarbecues met
kap kopen van bijna alle BBQ merken die hierboven staan.
Ik
noem voor de middenklasse ketelBBQ's met name
Weber Q en Outdoorchef
.
Waar ik voor wil
waarschuwen zijn de merk-lozen of fantasiemerken die je bij horeca
groothandels ziet. Het eerste wat bij die apparaten kapot gaat is de
zijtafels.
Ik ben niet zo heel ervaren met
de aankoop van gasBBQ's. Als ik ermee werk worden ze meestal door
iemand anders geleverd, maar kijk
hier
maar eens voor een paar
van de betere merken. Ik maak hiernaast dus even schaamteloos reclame voor wat mij betreft de beste buitenkeukenwinkel van Nederland.
De prijzen voor
gasbarbecues met kap
beginnen bij 70 E en lopen tot 400 E.
Dan is er een grijs gebied en worden het buitenkeukens, de prijzen lopen van 400 E tot 3.000 E.
De duurdere
modellen hebben een grill,
een aparte gaspit, temperatuurzones, electrisch spit en mogelijkheid om
te roken.
Dan gaan de producenten van de duurdere gasfornuizen zich er ook mee bemoeien.
Een bevriende collega heeft me een keer laten spelen met de Boretti Majestuoso.
Ik moest toegeven
dat het best een mooie
grill is.
De specialisten in
buitenkeukens zijn Ducane, Smeg, Boretti, Broil king, Napoleon, Grand Hall,
Patton, Outback en (wederom) Weber.
Mijn voorkeur?
Houtskool!
En daarna
Napoleon.
De meeste barbecue-sets bestaan uit een grijper, een prikker en een schoffel (vleestang, vleesvork en spatel).
Ik heb in het verleden flink
wat van die sets gekocht, eerst van die
goedkope met houten handvat.
Na 4 jaar intensief barbecuen heb ik een roestvrijstalen set gekocht bij de kookwinkel. (Deze ligt nu ook al vier jaar na verhuizing in steeds een andere kast).
TIP: Je kunt veel beter de juiste
gereedschappen los kopen, de helft van die
sets gebruik je toch nauwelijks.
Voor elke
barbecue is een goede, niet al
te grote
grijper
heel
belangrijk.
Niets is op een drukke avond vervelender dan kippenvleugels die continu
wegglippen en satés die tussen de roosters in het as vallen.
De prijs zegt weinig bij een goede vleestang. Bij de Blokker heb ik een
keer een hele goede gekocht voor twee en een halve euro. Let bij de
aankoop van een tang vooral op de kracht die je kan uitoefenen op
bijvoorbeeld je hand. Als het metaal te veel doorveert tussen de
handvaten en het gekartelde gedeelte heb je een stuk irritatie in
handen en kan je beter verder kijken.
De beste tangen zijn gebaseerd op een
Chinees standaardmodel, stalen handvat en een grijpvlak met halfronde
ribbels.
Op de foto hierboven zie je een lang model met een lock, daarmee
kan je ze open en dicht laten staan. Dat kan kapot, koop liever een
kortere zonder dat systeem.
Als jij het liefst met een
Global of Wusthoff pincet werkt, dan is dat
jouw eigen keuze (de keuze van de brandzalf is dan ook aan jou).
Voor de sparerib of de grotere stukken vlees is een stevige prikker (vleesvork) wel handig, maar dan alleen bij het lossnijden van de ribjes of trancheren van een entrecote. Voor alle andere werkzaamheden zou ik die vleesvork heel erg ver van m'n vlees en vis houden, door continue prikken kan je het vlees gortdroog maken.
Iets anders waar je
mee prikt is een
vleesthermometer, voor mooie
grote stukken, hele vogels en vissen. Als
je een losse koopt met een stalen draad en een timer en
temperatuurwaarschuwing (hoeft niet duur te zijn), dan wordt
slow-cooking een stuk makkelijker.
De
schoffel
of
spatel
gebruik je bij hamburgers, (vis)filets
en dergelijke. Ik gebruik het liefst een gekromde spatel met een houten
of kunsstof handvat. Het model hienaast met houten handvat mag je
natuurlijk ook niet op de grill laten liggen, want dan staan die
metalen knoppen in je hand. De nieuwe spatels die volledig van kunsstof
zijn, kunnen veel hitte hebben, maar ik zie toch dat er happen in de
scheprand komen, dus of dat nu in de BBQ of in je eten verdwijnt weet
ik niet...
Onmisbaar is een
schoonmaakborstel voor
het rooster. Je kunt een doodgewone staalborstel gebruiken of
één van die handige borstelcombinatie-setjes met
koperborstel, schuurspons en krabber, deze kosten vaak maar een paar
Euro.
Over
houtskoolstarters
zeg ik al kort
iets bij het hoofdstuk
Aanmaken, hout en
houtskool
. Ik heb er nog steeds geen, maar laat
dat je niet tegen
houden.
Tip: Ook erg handig is een grijper of schepje speciaal om briketten of houtskool te verplaatsen. We hebben hiervoor jarenlang een beugel van een fietswielspatbord gebruikt, maar je kan ook een oude vleesgrijper (van zo'n set) degraderen tot kolengrijper.
Verder is een goed vleesmes of koksmes geen overbodige luxe bij de organisatie van een barbecue-feest. (Dat kunnen Duitsers overigens erg goed: Koksmessen maken...)
Ik werk eigenlijk
bijna nooit met een
visrooster. Als je een
visliefhebber bent is zo'n rooster best handig,
omdat vis bij roostertemperaturen wel 'ns uit elkaar wil vallen of
blijft plakken. Andere oplossingen hiervoor: Bereidt de vis in een zak,
op een plank, aan de graat, met het vel. Vis bereiden op de BBQ vraagt
oefening en een beetje creativiteit.