Amerikaanse definitie van barbecue,
Het langdurig stomen en roken van vlees door gebruik van indirecte hittebron of een lage directe hittebron. De rook wordt vaak opgewekt door het toevoegen van hout of houtsnippers aan de hittebron.
Groninger term voor barbecue,
Dik doun in' tune. Vrij vertaald: opschepperig doen in je achtertuin. Dit zegt meer over Groningers dan over barbecuers.
Definitie van de rest van de wereld,
Maaltijd in open lucht, waarbij stukken vlees (oorspronkelijk gehele dieren) boven hete as of boven houtskool geroosterd worden.
Hieruit volgt dus dat Amerikanen er een hele andere kijk op barbecue hebben en ik heb me ervan overtuigd dat hun manier zeker niet te versmaden is. Wat wij doorgaans barbecue noemen, noemen zij houtskool grillen. De Amerikanen hebben alleen geen kopijrecht op de term en deze is in ons taalgebied zo ingeburgerd dat ik me daar bij hou.
Bovendien leggen wij in Nederland dankzij onze Indonesische, Hongaarse, Surinaamse en Antilliaanse invloeden weer hele andere lekkere dingen op het rooster, die de Amerikanen niet kennen. Barbecue is voor ieder land anders.
Residu van de droge destillatie van hout. Houtskool is van variërende samenstelling, maar bestaat doorgaans voor 90% of meer uit koolstof, met daarnaast waterstof, zuurstof, stikstof en anorganische bestanddelen. Het is een zwart, poreus product.
Grillen of grilleren,
Het gaar maken van gerechten door deze bloot te stellen aan open vuur of aan rode en infrarode straling. Voedingsmiddelen die gegrild kunnen worden zijn: vlees, vis, gevogelte, stevige vruchtgroenten en vruchten. Het grote voordeel van grillen is het feit dat door de grote hitte van de verwarmingsbron de poriën onmiddellijk worden dichtgeschroeid, waardoor er geen sappen verloren gaan en de natuurlijke smaak behouden blijft.